Een groot deel van de dag werd besteed aan de workshop Dichten bij (foto’s uit het) het nieuws, verzorgd door Greetje Kruidhof (zie verslag). Bij de verschillende foto’s werden onderstaande gedichten gemaakt. Het verslag is geplaatst onder de link.

EXAMEN
Door Fiet van Beek
Zo leeg de ruimte, zo vol de hoofden,
straks. Tafels en stoelen in het gelid.
Serene stilte ontvangt weten, twijfel,
zweet en hanenpoten. De regelmaat
der dingen onderbroken door gezucht;
schuiven en spiegelen niet toegestaan.
Escher zou er jaloers op zijn geweest.
Centraal examen
Door Jon van Duivenbode
In deze zee zwemt iedereen anoniem
Aan het drijfhout vol vragen klem ik mij vast
heen en weer deinend op mijn eigen smalle schip
terwijl mijn pen roeit door de golven
van twijfel en denken te weten.
Dan schrijf ik mijn naam erboven en sta op.
HERSENGYMNASTIEK
Door Irene Postma
Heb ik ooit terugverlangd
naar de geur van een gymzaal
die tijdelijk was ingevuld
met onafzienbare rijen
plechtige tafels en stoelen?
Zo monotoon, schools
in het gareel – nog even
wordt het uitvergroot.
deze horde vormt het slot.
Wat er jaren ingegoten is
wordt er nu uitgeperst.
Wie de zaal verlaat
weet zich lichter
en verlost.
Het leven kan beginnen,
denk ik.

Schietles
Door Jon van Duivenbode
Een beetje zoals mijn viool houd ik hem vast
het nationaal orkest heeft mij immers nodig.
In plaats van zoetgevooisde klanken
brengt mijn vinger doffe knallen voort
kreten van dood en verderf die harmoniëren
in een symfonie van onverzettelijkheid
KLASJ
Door Irene Postma
In haar tasje
heeft Natasha
niet een flesje
pepperspray
Naar de klas
neemt ze sinds pas
een kalasj-
nikov mee.
Bang? (lees voor: Beng, eehhh Bang?)
Nee!

Orthodox
Door Jon van Duivenbode
De skyline van wat wij niet zijn
blijft ver van ons vandaan.
Wij spelen op eigen terrein
achter het hek dat ons beschermt
tegen het woelige water
tegen alles wat wij niet zijn.
LAND IN ZICHT
Door Irene Postma
Het water is zoals we leren
de Jordaan – de sluis
naar het beloofde land.
Je kunt het wel eerst bestuderen
vanaf je veilige overkant
want: waar is thuis?
Je voeten staan geplant.
Durf jij met man en muis?
Je bent het volk des Heren